Altijd en overal werken en het effect op de wereld van werk

Dankzij nieuwe informatie- en communicatietechnologieën (ICT) is het alledaagse leven en werk in de 21e eeuw revolutionair veranderd. Deze nieuwe technologieën stellen mensen in staat om op ieder moment verbinding te maken met familie en vrienden, maar ook met collega’s en supervisors; ze zorgen er echter ook voor dat betaald werk zich verplaatst naar de plaatsen en tijden die normaliter voor ons privéleven bestemd zijn. Hierbij heeft het loskoppelen van betaald werk van de traditionele kantoorruimte een cruciale rol gespeeld. Deze nieuwe ruimtelijke onafhankelijkheid heeft ertoe geleid dat technologie een andere rol is gaan spelen in de werkomgeving, hetgeen nieuwe mogelijkheden biedt, maar ook nieuwe uitdagingen met zich meebrengt. In een nieuw verslag van Eurofound wordt ingegaan op de effecten van telewerken/ICT-mobiel werken (T/ICTM) op de wereld van werk. Het verslag eindigt met een aantal beleidsadviezen, waarin ook wordt gevraagd om aandacht te besteden aan de moeilijkheden om preventiebeginselen toe te passen buiten de muren van het kantoor.

T/ICTM kan worden gedefinieerd als het gebruik van ICT, zoals smartphones, tablets, laptops en desktopcomputers, voor het verrichten van werkzaamheden buiten de bedrijfsruimten van de werkgever. In de EU-28 verricht gemiddeld ongeveer 17% van de werknemers T/ICTM-werk. In de meeste landen verrichten aanzienlijke percentages werknemers eerder incidenteel dan regelmatig T/ICTM-werk.

Werknemers noemen als positieve kanten van T/ICTM een afname van de reistijd, meer autonomie op het gebied van werktijden, hetgeen leidt tot meer flexibiliteit bij de indeling van werktijden, een beter algemeen evenwicht tussen werk en privéleven en een hogere productiviteit. Bedrijven profiteren van het betere evenwicht tussen werk en privéleven, hetgeen kan leiden tot een toename van de motivatie en een afname van het personeelsverloop, alsmede tot een toename van de productiviteit en de efficiëntie, en van het feit dat er minder kantoorruimte nodig is, waardoor er op dat gebied ook minder kosten hoeven te worden gemaakt.

T/ICTM heeft echter ook nadelen. Het leidt vaak tot langere werkuren, overlap tussen betaald werk en privéleven (vermenging van werk en thuis) en intensivering van het werk. Telewerkers die vanuit huis werken, lijken een beter evenwicht tussen werk en privéleven te melden, terwijl 'zeer mobiele' werknemers een hoger risico op negatieve gevolgen voor hun gezondheid en welzijn lopen. Gedeeltelijke en incidentele vormen van T/ICTM lijken een positievere balans tussen de voor- en nadelen tot gevolg te hebben. Vanuit het oogpunt van gender werken vrouwen die T/ICTM-werk verrichten doorgaans minder uren dan mannen, en T/ICTM lijkt bij vrouwen iets betere effecten op het evenwicht tussen werk en privéleven te hebben.

De conclusies inzake de effecten van T/ICTM zijn daarom zeer ambigu en hangen samen met de interactie tussen het gebruik van ICT, de werkplaats in specifieke arbeidsomgevingen, het vervagen van de grenzen tussen werk en privéleven en de specifieke kenmerken van verschillende beroepen. Bovendien lijkt het feit of T/ICTM moet worden gezien als een vervanging voor kantoorwerk of als een aanvulling daarop een belangrijke factor bij het bepalen of de gerapporteerde resultaten als positief of negatief moeten worden beschouwd.

In de Europese kaderovereenkomst inzake telewerken (2002) wordt tot op zekere hoogte ingegaan op de mogelijke voordelen en risico's van T/ICTM in de lidstaten van de EU, maar buiten de EU ontbreekt een dergelijk kader. Sommige landen hebben initiatieven ontplooid om de arbeidsomstandigheden van T/ICTM-werkers aan te pakken. De meeste hiervan zijn echter specifiek gericht op formeel telewerken vanuit huis. Pas zeer recent zijn regeringen, sociale partners en bedrijven in hun initiatieven ook rekening gaan houden met andere vormen van T/ICTM, zoals informeel werken, extra uren, door maatregelen te nemen die dergelijke werkzaamheden buiten reguliere kantooruren moeten beperken.

Beleidsadviezen
  • Omdat het gebruik van ICT buiten de bedrijfsruimten van de werkgever voordelig is voor zowel werknemers als werkgevers zouden beleidsmakers zich moeten richten op het benadrukken van de positieve effecten en het reduceren van de negatieve effecten ervan: bijvoorbeeld door parttime T/ICTM-werk te stimuleren en tegelijkertijd informeel, extra T/ICTM-werk of zeer mobiel T/ICTM-werk met lange werktijden te beperken.
  • In de praktijk verandert de manier waarop werktijden worden ingedeeld, en regelingen voor werktijden dienen rekening te houden met deze nieuwe realiteit. Het is met name belangrijk om het probleem van extra T/ICTM-werk aan te pakken, dat kan worden gezien als onbetaald overwerk, en om ervoor te zorgen dat de minimale rusttijden worden gerespecteerd.
  • Omdat het moeilijk is om buiten de bedrijfsruimten van de werkgever toezicht op de arbeidsomstandigheden te houden, kan het een enorme uitdaging zijn om preventiebeginselen en wetgeving op het gebied van gezondheid en veiligheid op het werk toe te passen op T/ICTM. Een project van het Europees Agentschap voor veiligheid en gezondheid op het werk (EU-OSHA) – Foresight on new and emerging risks in occupational safety and health associated with ICT and work location by 2025 (Toekomstverkenning naar nieuwe en opkomende risico's van ICT en de werkplaats) – helpt beleidsmakers om deze uitdagingen te overwinnen.
  • Om het potentieel van T/ICTM volledig tot zijn recht te laten komen en de arbeidsomstandigheden van de betrokken werknemers te verbeteren zijn opleidings- en bewustmakingsinitiatieven nodig, zowel voor werknemers als voor werkgevers, die zich richten op het effectief gebruik van ICT voor werken op afstand, alsmede op de mogelijke risico's hiervan, en op de manier waarop de flexibiliteit van deze manier van werken op effectieve wijze kan worden beheerd.
  • T/ICTM kan een rol spelen in beleid dat is gericht op de bevordering van inclusieve arbeidsmarkten en samenlevingen. Voorbeelden uit enkele landen hebben uitgewezen dat T/ICTM een positief effect heeft op de arbeidsmarktparticipatie van bepaalde groepen, zoals oudere werknemers, jonge vrouwen met kinderen en gehandicapten.
  • Overheidsinitiatieven en nationale of sectorale collectieve overeenkomsten spelen een belangrijke rol als algemeen kader voor een T/ICTM-strategie. Dit kader moet voldoende ruimte bieden voor het ontwikkelen van specifieke regelingen die tegemoetkomen aan de behoeften en voorkeuren van zowel werknemers als werkgevers.
  • Er dient rekening te worden gehouden met de conclusies aangaande de verschillende arbeidsomstandigheden van werknemers die verschillende vormen van T/ICTM-werk verrichten – bijvoorbeeld telewerken vanuit huis of zeer mobiel werk. Beleidsmaatregelen moeten gericht zijn op het aanpakken van de onderliggende redenen voor de negatieve gevolgen voor de arbeidsomstandigheden die in dit verslag zijn vastgesteld.
Het volledige rapport, waarin ondere andere ook aandacht wordt besteed aan zaken zoals ergonomie, stress, woon- werkverkeer en isolatie, is terug te vinden op de site van Eurofound (EN). Een Nederlandstalige samenvatting is ook terug te vinden op de site van Eurofound.

Meer gratis nieuws binnen het thema Veiligheid