Schildklieraandoeningen en arbeidsongeschiktheid

Volgens een Deense studie verhogen schildklieraandoeningen het risico op arbeidsongeschiktheid aanzienlijk. Maar dat is vooral het geval tijdens het eerste jaar volgend op de diagnose.

De onderzoekers hebben gebruikgemaakt van de Deense nationale registers van sociale uitkeringen, gezondheid en jobkenmerken. Een nauwkeurige vergelijking van die registers voor onderzoeksdoeleinden is perfect mogelijk in Denemarken, wat om technische, juridische of deontologische redenen niet het geval is in tal van andere landen. Denemarken leent zich dus bijzonder goed voor grootschalige studies over de verbanden tussen gezondheid en werk. In dit geval wou men het risico op arbeidsongeschiktheid meten bij mensen die aan schildklieraandoeningen lijden en dit toetsen aan de globale bevolking. Dit risico werd gemeten in termen van overgang tussen werk, langdurige ziekte, werkloosheid en invaliditeitsuitkeringen. Op die manier werden de gegevens van 862 personen die ambulant behandeld werden voor diverse schildklieraandoeningen in de jaren 1994-2011vergeleken met deze van gezonde controlepersonen.

Tijdens het jaar volgend op de diagnose was het risico op afwezigheid wegens ziekte beduidend hoger dan onder de algemene bevolking: 6,94 maal hoger bij de patiënten die lijden aan Graves’ orbitopathie en 2,08 maal hoger bij de overige schildklierpatiënten. Bij hen was de kans op werkhervatting na het ziekteverlof ook lager dan bij de globale bevolking en ze liepen ook 4,15 maal meer kans om in de invaliditeit terecht te komen.

Een jaar na de diagnose daalt het verschil tussen de personen met een schildklieraandoening en de algemene bevolking. Maar het blijft toch aanzienlijk, vooral als zij lijden aan Graves’ orbitopathie waar het risico op afwezigheid wegens ziekte 2,08 maal hoger ligt en hun kans op invaliditeitsuitkeringen 4,40 maal meer bedraagt.
 

Meer gratis nieuws binnen het thema Veiligheid