Veilig gedrag in het laboratorium

Het is moeilijk om in te schatten hoe (on)veilig laboratoria zijn: ze hebben elk hun eigen gevaren en risico’s. Zo zijn er verschillen tussen een klinisch laboratorium en een academisch of research laboratorium. Maar in ieder lab gaat er wel eens iets mis.

Een definitie van veiligheid is: “het bewust nemen van acceptabele risico’s”. In deze definitie draait het om twee essentiële zaken: het zich bewust zijn van en het acceptabel zijn van risico’s. In hoeverre zijn medewerkers in het laboratorium zich nu werkelijk bewust van de gevaren? Het is van belang dat er een goede risico-inventarisatie en evaluatie plaatsvindt, die rekening houdt met zowel de korte als de lange termijn. Want ook beroepsziekten moeten tenslotte worden voorkomen.
 

Een voorbeeld

Een research lab is gevestigd in een gebouw waar de huisvesting wel op orde, maar redelijk gedateerd is. In het midden van het lab staan de labtafels met een verhoging. Deze verhoging staat vol met verschillende chemicaliën en oplossingen. Het is niet duidelijk wat er in de potjes en pannetjes zit. Bij navraag is het ook niet duidelijk van wie de diverse stoffen en producten zijn. Een van de medewerkers vraagt wat het probleem is; hij is er zich niet van bewust dat de inhoud mogelijk bestaat uit dampende en brandbare producten. Nadat het besluit viel om de producten te verwijderen, zou iedereen zijn eigen spullen opruimen, maar de helft van de potten bleef staan. De producten die waren blijven staan bleken van mensen die al enkele jaren niet meer in dienst waren.

En nog een

Er is een incident met een opslagkast. De liggers van de kast begeven het, diverse chemicaliën vallen naar beneden, de flessen breken en de inhoud mengt zich en reageert met elkaar. Een aantal laboranten rent de ruimte uit en belt de bedrijfshulpverlening. Die besluit na overleg met de chemicaliënbeheerder om met een masker met ademlucht het lab te betreden om de gemorste chemicaliën verder op te ruimen. Bij binnenkomst treffen ze twee medewerkers aan die doodleuk achter hun pc zitten te werken. 
 
Inmiddels investeerden veel organisaties in de technische beheersing van risico’s. In de jaren 1990 tot 2000 is vooral winst behaald met de organisatorische verbetering van de arbeidsomstandigheden. Nu moeten we de meeste winst halen uit het gedrag van medewerkers, individueel en in de groep. De genoemde voorbeelden geven aan dat er nog veel te verbeteren valt.

Veiligheid organiseren

In veel laboratoria bestaat de overtuiging dat laboranten prima in staat zijn om hun eigen veiligheid te organiseren. Ze zijn immers goed opgeleid, hebben verantwoordelijkheidsgevoel en zijn vaak erg gemotiveerd in hun werk. Maar zien ze het gevaar nog wel? Wordt het acceptatieniveau niet stilletjes verlegd, elke keer dat het goed is gegaan? En wie houdt er nu toezicht?
 
Het is daarom zaak om discipline aan te brengen in het volgen van voorschriften. Onbewust het juiste doen, zonder erbij na te hoeven denken. Dat vergt oefening en inspanning en is niet in één voorlichtingsbijeenkomst geregeld. Het vraagt training en continue aandacht.
Het houden van toezicht blijkt essentieel om gedrag te veranderen, maar ook om het goede gedrag vast te houden. Toezicht blijkt voor veel laboratoria lastig te organiseren, omdat de (formeel) leidinggevende vaak het minst op de werkvloer aanwezig is. Bovendien zitten de informele leiders vaak vast in oude gewoontes en gebruiken. Wanneer het lukt om deze informele leiders voor de kar van verandering te spannen, is het mogelijk om gedrag te veranderen en voor langere tijd vast te houden.

Meer gratis nieuws binnen het thema Veiligheid